86Hoe kun je hiv oplopen?
Hiv kan overgedragen worden door onveilig seksueel contact. De kans op besmetting met hiv is het grootst bij vaginaal en anaal (met een penis) neuken zonder condoom of onvoldoende bescherming tijdens het neuken (afgegleden of gescheurd condoom). Ook als er sperma of menstruatiebloed in de mond komt, is er een risico op hiv-besmetting. Verder kan hiv overgedragen worden door het gebruik van eerder gebruikte naalden en spuiten (bij drugsgebruik), van moeder op kind wanneer de moeder besmet is met het hiv-virus, of bij het gebruik van onveilige bloedproducten of bloedtransfusies met hiv-besmet bloed.
Wanneer iemand met hiv besmet is, bevatten bloed en sperma het virus. In vaginaal vocht en voorvocht is deze concentratie lager, maar ook door dit vocht kan het virus overgedragen worden. In andere lichaamsvochten zoals speeksel, zweet, traanvocht, urine en ontlasting kan het virus wel aanwezig zijn maar is de concentratie te laag om een infectie te kunnen veroorzaken. Speeksel, zweet, traanvocht, urine en ontlasting zijn alleen gevaarlijk als er zichtbaar bloed in zit, en er een kans is dat dit rechtstreeks in de bloedbaan van de ander terecht kan komen. Als je andere soa hebt, kun je gemakkelijker geïnfecteerd raken met hiv. Ook vergroot een soa de kans dat je hiv overdraagt.
Iedereen die onveilig vrijt, loopt risico op een infectie met hiv. Bij seksuele contacten met mensen uit groepen waaronder aids veel voorkomt, is het risico op besmetting groter. Dit zijn bijvoorbeeld mensen die drugs spuiten, mannen met wisselende homoseksuele contacten en mensen die afkomstig zijn uit gebieden waar aids veel voorkomt. Het probleem is dat niet aan iemand te zien is of hij of zij tot één van deze groepen behoort. En lang niet iedereen weet of hij of zij seropositief is. Ook dat is niet te zien. Dit betekent dus dat je jezelf het best beschermt tegen deze zeer ernstige ziekte door veilig te vrijen. |